AA | Grafics
Nederlands | Frysk | English
This page is not available in English yet.

Registre Civique 1811

Volgens de Code Civil (of Code Napoleon), het burgerlijk wetboek, hadden mannen boven de 21 jaar het recht de leden van de ‘municipaliteit’ (een soort gemeenteraad) te kiezen. De lijsten van deze stemgerechtigden worden ’registres civiques’ genoemd.

De registers werden opgesteld door de plaatselijke overheid (mairie). Zij stuurde een exemplaar naar het departementsbestuur. Vaak hield men een tweede exemplaar ter plaatse. Aan de stemgerechtigde burgers werd een ‘carte civique’ uitgereikt, die dezelfde gegevens bevatte als de vermelding in de lijst. De cartes civiques zijn zeldzaam en worden slechts bij uitzondering in openbare archieven bewaard.

In deze oorspronkelijk handgeschreven nadere toegang op het Leeuwarder Registre Civique, vinden we achtereenvolgens het volgnummer, de familienaam of het patroniem, voorna(a)m(en), geboortejaar, beroep en het adres (wijkletter) van de betrokkene. Eventuele bijzonderheden worden in de kolom ‘Opmerkingen’ vermeld. Familienamen en patroniemen zijn in deze versie in één veld ingevoerd. Ook zijn de diverse varianten van een (familie)naam niet gestandardiseerd. Wel zijn er soms verwijzingen geplaatst, zoals bijvoorbeeld: ‘Adama, zie Adema’.

Ofschoon de oorspronkelijke lijsten soms in het Nederlands waren opgesteld, werden de gegevens meestal in het Frans vermeld. Zeker waar het de beroepen betreft, zou dit tot onduidelijkheid aanleiding kunnen geven. Iemand die als journalier te boek staat zal geen krantenverkoper zijn maar een dagloner, dit isl iemand die per dag in dienst was bij een werkgever en per dag betaald werd. Het cijfer achter de wijkletter duidt niet op een adres, maar op het paginanummer in het oorspronkelijke register.

Gepoogd is om met behulp van het zogenaamde Kohier van de Lantaarn-, Brandspuit en Nachtwachtgelden uit 1810 de juiste adressen en eventuele beroepen te achterhalen, hetgeen niet voor alle inwoners is gelukt. Voor deze gevallen is geprobeerd om de adressen toe te voegen vanuit het Register op de Patentplichtigen van 1815. Van deze optie is echter alleen gebruik gemaakt indien de betreffende persoon in dezelfde wijk werd aangetroffen als in het Registre Civique. Gemakshalve is er in een dergelijk geval vanuit gegaan dat de betreffende inwoner in de tussenliggende periode niet binnen de wijk is verhuisd, hetgeen in veel gevallen ook niet zal zijn gebeurd. Geheel zeker is dit echter niet. Indien een adres en/of een beroep vanuit deze laatste bron is toegevoegd is dit aangegeven middels het jaartal 1815. De overige adressen zijn toegevoegd vanuit het Kohier van de Lantaarn-Brandspuit-Nachtwachtgelden. Hoe volledig het Registre Civique is, valt moeilijk aan te geven. In ieder geval zullen de meeste ’armlastigen’ ontbreken.

Terug

 



GO TO: